
Mark Diemers (32) is de trotse captain van SC Cambuur, maar vooral is hij afkomstig uit Leeuwarden. Op vijfhonderd meter afstand van de huidige locatie van het nieuwe stadion is hij geboren en opgegroeid. ‘Dit is pas echt zijn thuiskomst’, zegt hij met een vleugje dramatiek.
In Emmen vierden Cambuur en Diemers hun zeer verdiende feest. ‘Het zal niet moeilijker worden’, riep de nummer tien terwijl hij het feestgedruis voor het uitvak riep. ‘Er waren supporters van Cambuur overal. Dit zal een geweldig feest worden. ‘Ik denk dat het tot vroeg morgenochtend is.’ Daarna was Diemers verdwenen. Knuffelend met trainer Henk de Jong, springend en zingend met zijn teamgenoten en gereed om het promotieschild van algemeen directeur Ard de Graaf te ontvangen. De vreugde en de emoties bij de Diemers waren duidelijk te zien. ‘Ik had nooit kunnen vermoeden dat Cambuur, op de locatie waar ik ben geboren, in Westeinde, jaren later zou promoveren.’ Het lijkt erop dat dit zo heeft moeten zijn.
Af en toe zijn verhalen in jongensboeken niet te bedenken, maar zijn ze simpelweg echt waar. Het kind van de stad is zonder twijfel de leider van het team uit Leeuwarden. Binnen en buiten het veld fungeert hij als het uithangbord van de geel-blauwe band. Natuurlijk samen met trainer Henk de Jong, de man met wie hij in de loop der jaren een unieke relatie heeft ontwikkeld. Na omzwervingen zowel nationaal als internationaal is Diemers weer op zijn oude positie teruggekeerd en zou hij zijn club terug naar de Eredivisie brengen. En het was succesvol. Hoewel het enige vertraging heeft, is het afgelopen vrijdag misgegaan tegen Jong AZ. Cambuur had dinsdagavond geen twijfels over zijn intenties tegen Emmen. Onder aanvoering van regisseur Diemers klopte een door afwezigen op meerdere plaatsen gewijzigd Cambuur de Drenten met 2-4. Diemers geeft toe ‘Dit was mijn droom, het verhaal maakt het speciaal. Het gevoel dat de club terug is waar hij hoort overheerst. Alles is op orde, er is zorgvuldig naar toegewerkt, het moest nu gewoon gebeuren. De vergelijking met ADO Den Haag is al vaak gemaakt: de twee clubs zijn gewoon in alle opzichten Eredivisiewaardig. Het nieuwe stadion heeft hier de boost gegeven, nu was het ook noodzakelijk te promoveren. Alles is samengekomen. Qua voetbal hebben we het dit seizoen ook laten zien.’
Op maandagavond in Helmond keert Diemers terug als invaller bij Cambuur tegen Helmond Sport. Na 25 minuten in de tweede helft ontvangt hij het signaal om zich voor te bereiden. Hij heeft zojuist een uitgebreide warming-up afgerond met rekoefeningen en sprints. De middenvelder is niet zeker hoe snel hij zich bij de vierde officier moet aanmelden. De afspraak was om een half uur mee te doen; het zou 33 minuten duren. Diemers eist onmiddellijk de bal op, maakt waar nodig tijd, corrigeert en motiveert zijn teamgenoten. De cruciale weken naderen en het team heeft de ervaren speler nodig. Diemers was vier wedstrijden niet aanwezig. "Hoewel het even ernstiger leek, was het slechts een verrekkinkje." Gelukkig maar, hoewel ik het toekijken helemaal niet leuk vond. Je wilt ondersteuning bieden in plaats van alleen maar toekijken. Ik heb me gaan vermaken. Ik heb nooit een blessure gehad en juist op dit moment stond ik langs de kant. Gelukkig ben ik op tijd genezen, er is geen gevaar. ‘Ik ben er weer bij’.
Dinsdagavond in Den Haag bereikt ADO de promotie door Jong FC Utrecht te verslaan. Diemers volgt het op televisie. "Het is hun gegund, het zag er prachtig uit." Geweldig gedaan. De twee beste teams gaan promoveren. Diemers is erg verrast dat er in Den Haag precies na negentig minuten wordt afgefloten. ‘Het lijkt alsof we niet meer samen met ADO strijden om het kampioenschap. Dat had uiteraard geen effect. "Maar goed, nu is het aan ons, hoewel niemand nog weet wanneer het zover kan komen."
Op donderdagmiddag in Leeuwarden. Diemers schaft een Cambuur-shirt aan met het rugnummer tien in de fanshop. Het nieuwe tricot is ontworpen voor zijn zoontje. "Het is geweldig dat hij vaak in Cambuur-shirts rondloopt; deze nieuwe is voor een promotievideo die we vanmiddag in de stad willen maken." Hij is zes jaar oud en heeft nu een beetje inzicht in wat er speelt. Natuurlijk op zijn eigen manier. Dit zijn echt prachtige herinneringen voor de toekomst. Later zullen we als spelers opnieuw met onze kinderen aan de hand oplopen, zoals dat jaarlijks gebeurt. "Dat zijn prachtige zaken." Diemers neemt simpelweg deel aan de voorbereidingen van de festiviteiten, terwijl de promotie nog gerealiseerd moet worden. "Hier is niemand gek, we zullen promoveren." Als aanvoerder en ervaren speler ben ik in de plannen opgenomen. Niet te veel, dat is ook niet wenselijk, maar wel een beetje. Ik ben in staat om dat goed te scheiden. "Het is beter om met mij te werken dan met die jonge mensen, maak ze er maar niet moeilijk mee."
Op vrijdagavond in het Kooi Stadion. De verwachtingen zijn hooggespannen en er heerst een ware honger naar promotie. Iedereen is zich ervan bewust dat Cambuur vanavond niet in staat is om een feest te vieren zoals ADO Den Haag drie dagen eerder heeft gedaan. Het is noodzakelijk om te winnen op Jong AZ, en een volledig uitverkocht stadion is bereid om er persoonlijk voor te zorgen dat dit in ieder geval gebeurt, maar het gaat mis. De beloften uit Alkmaar winnen met 3-4, terwijl de frustraties de overhand hebben. Niet iedereen realiseert zich meteen dat het op dinsdagavond in Emmen moet plaatsvinden. ‘Het is fijn dichtbij, de terugreis en de aankomst zullen fantastisch zijn’, had Diemers al voorzien. Ik was me er niet van bewust dat Emmen-Cambuur daadwerkelijk de promotiewedstrijd zou zijn.
Op zondagmiddag werd duidelijk dat dat scenario haalbaar was. De Graafschap werd ontvangen door een ADO Den Haag met champagne in de benen, maar de Hagenaars bevestigden hun ambities voor de titel door met 1-2 te winnen. Diemers keek er van tevoren met verschillende emoties naar. Het was zeker een beetje dubbel. Het zou positief zijn als de Graafschap zou verliezen. Je wilt eigenlijk zo snel mogelijk zeker zijn van een promotie. ‘Maak gewoon een gelijkspel, dat is het meest effectief voor nu en voor de titelstrijd.’
Zondagmiddag, even na twee uur in de Achterhoek. De Graafschap knokt om een plek in de eindrangschikking die recht geeft op een rondje play-offs minder, ADO Den Haag heeft na een paar dagen feesten het vizier gericht op de titel. De spelers en staf van Cambuur hadden zich voorgenomen na de ochtendtraining voor de televisie te gaan zitten. Drankjes in de aanslag, lichtelijk nerveus over wat er komen gaat en klaar om een feest te vieren. In plaats daarvan volgt er een pittige nabespreking en gaat het vizier op dinsdag.
In Emmen, waar Diemers eerder in de Eredivisie speelde, wordt al snel evident dat het nu wel zal slagen. Het promoveren naar de Eredivisie met de club waar je als jonge jongen begon en als getalenteerde professional terugkeerde, moet een zeer emotionele ervaring zijn. Diemers bevestigt het met volle overtuiging; de emotie in zijn stem is duidelijk te horen. Dat is wat het zo uniek maakt. Om dit als inwoner van Leeuwarden te realiseren... Kian Visser en Tony Jonker zijn eveneens inwoners van Leeuwarden en ervaren het ook. Als jongens zaten zij hier ook op de tribune te schreeuwen.
Kian behoorde tot de harde kern, dat is simpelweg een hooligan, haha. Hij waardeert zijn jeugdherinneringen als supporter. ‘Als kind was ik in het stadion. Als ik tien of elf jaar oud was, ontving ik een seizoenkaart als jeugdspeler. Op vrijdagavond was de jeugd aanwezig op Oost. Ik ben ook meerdere keren ballenjongen geweest. Welke wedstrijden zijn er nog over? In 2009 verloren we de play-off tegen Roda JC na strafschoppen. Cambuur eindigde in de verlenging op 2-2. Op mijn vijftiende was het zo intens. Ik herinner me ook de wedstrijd daarvoor, waarin we FC Zwolle hebben verslagen. Voor de jonge jongens creëren wij die herinneringen.
In 2013 behaalde Diemers zelf al een promotie met het team uit Leeuwarden. ‘Als jongeman had ik toen een waardevolle bijdrage. Het was een volledig onverwacht kampioenschap. AGOVV en Veendam werden uitgesloten van de competitie. Wij hadden van beide teams verloren en hebben daardoor geen punten verzameld, terwijl de concurrentie wel punten had verloren. Dat was behoorlijk onrealistisch; we hebben de laatste acht wedstrijden gewonnen. Volendam had de mogelijkheid om de titel te veroveren, maar verloor op de laatste dag tegen Go Ahead Eagles. Wij hebben gewonnen van Excelsior. We hebben dat seizoen denk ik een uurtje bovenaan gestaan. Het was één en al ongeloof. Heel bijzonder, maar deze promotie voelt specialer door het verhaal van het terugkomen uit Cyprus. Ik kwam met een doel en dat is gelukt.’ Diemers speelde nooit met Cambuur in de Eredivisie, hij wist al dat zijn toekomst in Utrecht zou liggen. ‘Toen speelde ik met Utrecht ineens tegen Cambuur. Dat was heel raar, tegen je eigen cluppie, tegen allemaal mensen die je al jaren kende. Een vreemde gewaarwording was het.
Cambuur denkt niet alleen terug aan de onvoorspelbare uitkomst van 2013, maar ook aan 2020. ‘Dat blijft knaagen’, is de ervaring van Diemers. ‘Het was het jaar van de coronapandemie, Cambuur stond aan de top en zou promoveren. Iedereen is zich bewust van de uitkomst. Dat kon niet doorgaan, omdat de competitie werd stopgezet. Zeker weten dat die teleurstelling uit het verleden nu een rol speelt. Hoewel het een jaar later wel gelukt was. Dat was erg vervelend, die pijn is nog steeds aanwezig. De supporters en de leden van de club vergeten dat niet. Vergeet niet dat Cambuur twee jaar geleden de dertiende plaats behaalde in de KKD. Dat deed ook pijn na alles wat er was voorgevallen. En nu flikken we dit en dan is het normaal dat er emoties loskomen. Nu kijkt heel Leeuwarden, en misschien Heerenveen, weer uit naar de Friese derby. ‘Het is een bijkomend iets, maar er wordt al over gesproken. Het verlangen naar de eerste Noordelijke broederstrijd in het Kooi Stadion is groot. ‘Die wedstrijd heb ik dus nog nooit gespeeld’, bekent Diemers. ‘Daar gaat het inderdaad veel over deze dagen. Ik ben wel een Leeuwarder, maar zeker niet anti-Heerenveen opgevoed. Dat leefde bij ons thuis niet. Maar Cambuur-Heerenveen moet bijzonder zijn. Die wil ik graag een keer meemaken.’
Bron: VI PRO